Het 3DE5-raamwerk

Naar Alternatieve titels

1. Startpunt: 3D

1.1 Menselijk gedrag verankerd

Hoofdstuk 1 Startpunt 3D

Waarom gedragen wij ons zoals wij ons gedragen? Een vraag die veel grote denkers heeft beziggehouden. Vele filosofen, psychologen en sociologen hebben hun gedachten aan het papier toevertrouwd. Geen enkele theorie leidt echter tot een bevredigende verklaring van menselijk gedrag, omdat een wetenschappelijk geaccepteerde fundering ontbreekt. Alle theorieën zijn omstreden of niet meer dan een mening, een zienswijze.

De evolutietheorie van Darwin is de enige theorie die aan de hand van waarnemingen te staven is en daarmee wetenschappelijk is te onderbouwen. De evolutietheorie verklaart het ontstaan van levensvormen, waarbij alleen het veranderen en overleven centraal staat. De kern van de theorie is dat voordelige erfelijke eigenschappen door natuurlijke selectie steeds vaker gaan voorkomen. De theorie kent geen eindpunt. Levende organismen - en dus ook de mens - gebruiken al hun energie voor slechts één doel: het doorgeven van (succesrijke) genen aan de volgende generatie. Daarmee verklaart de evolutietheorie het doel van het leven als het leven zelf. Hét levensdoel is het zorgen voor gezond nageslacht dat ook weer kan zorgen voor gezond nageslacht.

De essentie van 3DE5

In dit boek zetten we de redenatie op dat ons denken en doen start vanuit hét doel van de mens: nageslacht op de wereld zetten. Om ons succesvol voort te planten, passen we bewust en vooral onbewust het belangrijkste denkpatroon toe: de Essential5 (E5). Dit denkpatroon is opgebouwd uit vijf ambities die samen de peilers van ons gedrag vormen: Lichaam, Status, Identiteit, Samenwerking en Kennis. De Essential5 maakt onder meer helder dat wat irrationeel gedrag lijkt, niets anders is dan het kiezen van andere prioriteiten binnen de E5.

In de evolutie van de mens zien we dat onze handelingen in dienst staan van dit ene doel. In de loop der jaren ontwikkelde de mens een steeds beter waarnemings- en denkvermogen, waardoor we telkens beter in staat bleken de juiste dingen te doen (gedrag) om onze overlevingskansen te vergroten en ons voort te planten.

De evolutietheorie leert ons dat voor nageslacht zorgen ons hoofddoel is en dat denken een belangrijk hulpmiddel is om tot de juiste daden te komen waarmee we dat doel kunnen bereiken; doel, denken, daden (3D). Dit is een bruikbaar ankerpunt en het startpunt van mijn redenatie.

Een uitvoerige beschrijving van de verankering van ons gedrag in de evolutietheorie staat in hoofdstuk 3.1.

1.2 Doel

Doel (Ga een moderne browser gebruiken. Deze is te oud.)

De evolutietheorie maakt duidelijk dat het belangrijkste doel van het leven van de mens het leven zelf is in de vorm van nieuw leven. Het bereiken van het doel is geen eenstapsproces. Het doel houdt niet op bij de verwekking van het nageslacht. Het gaat vooral om het grootbrengen van succesvolle kleinkinderen. Dit vereist veel meer dan alleen fysieke vaardigheden. Zoveel, dat dit hele boek nodig is om de vele gezichtspunten helder te maken. Deze gezichtspunten zijn eenvoudig, alleen maken mensen ze complex. Door de eenvoud boven water te halen, laat ik zien dat het leven veel simpeler is dan we veelal denken.

Het hoofddoel van leven is en blijft het leven zelf in de vorm van overleven, nieuw leven en het doorgeven van de kennis en kunde om nog beter te kunnen leven. Zelfs als we denken over het leven na de dood is leven het doel, in welke godsdienst dan ook (soms totdat we zijn verlicht).

Hoofdstuk 3 gaat verder in op het stellen van doelen.

1.3 Denken

Denken

Als het doel van het leven, leven zelf is, wat is dan het alles overheersende onderwerp van denken? Voortplanting is dan het belangrijkste dat bestaat, omdat zonder voortplanting het leven verdwijnt. Genen van denkers die zich niet voortplanten, bestaan een generatie later niet meer. Mensen die zich wel voortplanten, dragen genen over die het krijgen van kinderen stimuleren.

Het veroveren van het andere geslacht is in de evolutie een topprioriteit. Het lijkt zo simpel, maar ons gedrag is hierbij iets ingewikkelder dan het op het eerste gezicht lijkt. We hebben te maken met het andere geslacht, met concurrenten, met de omgeving, met de weersomstandigheden, met de maanstand, met … Kortom met een stortvloed aan factoren die we niet kunnen beïnvloeden.

Om deze complexiteit het hoofd te bieden, ontwikkelen we denkpatronen. Als we eenmaal een oplossing voor een probleem hebben gevonden, dan herhalen we die oplossingsmethode voortdurend. We ontwikkelen een patroon. Een denkpatroon is een automatische werkwijze om problemen op te lossen. We herhalen deze werkwijze keer op keer, zonder hier opnieuw over na te denken. We poetsen bijvoorbeeld elke dag onze tanden, zonder elke keer de overweging te maken of het tandenpoetsen wel lekker, gezond of ontspannen is. We doen het gewoon, omdat we één keer besloten hebben dat we het moeten doen.

Als we kijken naar de wijze waarop we denkpatronen verwerven, kunnen we vier soorten onderkennen:

...

Bij voortplanting komen alle hierboven genoemde soorten denkpatronen aanbod, waardoor het geheel op het eerste gezicht complex is. Toch is dit schijn. Onze denkpatronen zijn meer voorspelbaar dan we denken.

Meer details rond het thema denken vindt u in hoofdstuk 4 Denken.

1.4 Daden

Daden

Denken is één, doen is iets anders. Elsschot zei het al: “Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren”. Niets is moeilijker dan de eerste stap te zetten op weg naar het doel. Het bedenken is vaak eenvoudiger dan het uitvoeren ervan. Met beide benen in de modder staan, is moeilijker dan aan de kant roepen wat we moeten doen. De beste stuurlui staan altijd aan wal. De échte toetssteen van succes is het realiseren van de droom. Niet zeggen, maar doen. We kunnen nog even doorgaan met het citeren van spreekwoorden die daden op een voetstuk zetten. Het omzetten van denken in acties is blijkbaar moeilijker dan we denken.

Om tot actie over te gaan, heeft een mens behoefte aan kans op succes, waardering binnen zijn groep en zicht op een pad om het doel te bereiken. Zonder deze drie basisvoorwaarden komen de meeste mensen niet in actie. Onze standaard instelling is namelijk het vermijden van inspanning. We komen alleen in actie als het écht moet. We moeten een drempel overwinnen om in actie te komen. Pas als we de verlokkingen niet meer kunnen weerstaan, zetten we de eerste stap. Gelukkig heeft de natuur de grootste verlokking voor ons bedacht om nageslacht op de wereld te zetten: het orgasme. Zonder dit genoegen waren we nooit in actie gekomen.

“Wat iemand zegt, doet zijn ware persoonlijkheid niet kennen. Alleen zijn daden onthullen haar, soms zelfs voor zijn eigen ogen.”1 Alleen door daden leren we de echte persoon kennen.

In hoofdstuk 5 staan meer details over het onderwerp daden.

1.5 3D is het begin

De evolutietheorie is de enige wetenschappelijke theorie die het ontstaan van levensvormen verklaart. De evolutie van de mens leert ons dat onze daden (ons gedrag) het gevolg zijn van ons denken en dat ons denken gericht is op het doorgeven van genen aan de volgende generatie. Hiermee is ons gedrag en denken verankerd in een bewezen theorie.

De redenatie van doel-denken-daden is niet alleen van toepassing op hét levensdoel (voor nageslacht zorgen), maar passen we ook toe op elk ander doel. Zonder doel zwabbert ons denken en gedrag elke kant op. Het doel kan onbewust zijn. We noemen het dan een gevoel, een aandrang, een drift. Het patroon van doel-denken-daden is zo sterk, dat het zichzelf herhaalt op elk gebied waarover we nadenken.

Aan het denken ligt meer ten grondslag dan het denken zelf. Hormonen, emoties en perceptie hebben invloed op het denken en daarmee op ons gedrag. De redenatie doel-denken-daden is daarom niet meer dan een startpunt in het beschrijven van het menselijk denkproces en het gedrag dat daaruit te voorschijn komt. In hoofdstuk 3, 4 en 5 komen het doel, het denken en de daden daarom uitgebreid aan de orde.

Naar hoofdstuk 2